Grensriviertje de Reest

Het riviertje de Reest ligt op de grens van de provincies Drenthe en Overijssel en stroomt vanaf Dedemsvaart naar Meppel. De Reest is een typische laaglandbeek. Sterk meanderend door een vlak landschap en met een verval van slechts 5 meter over een afstand van 37 kilometer.
Het Reestdal is afwisselend zeer smal (ongeveer 100 meter) en soms ook tamelijk breed (ongeveer 500 meter) Overstromingen doen zich regelmatig voor in de benedenloop, in andere delen van het dal zijn inundaties zeldzaam. Zo staan de gras- en hooilanden tussen Halfweg en Meppel in de wintermaanden regelmatig onder water, terwijl dit in de buurt van Oud-Avereest alleen bij zeer overvloedige en langdurige regenval het geval is (en dan ook nog voor een korte periode).

Hoogveenbeek

Van oorsprong is de Reest een hoogveenbeek. Vroeger ontving het riviertje zijn water uit de grote en uitgestrekte hoogvenen rond onder meer Slagharen, Hardenberg en Dedemsvaart. De Reest voerde toen het water af van dit 30.000 tot 40.000 ha groot niemandsland.

Het hoogveen werkte als een soort spons en hield veel water vast. Daardoor was de waterafvoer van de Reest erg regelmatig en overstroomden oeverlanden alleen in de wintermaanden. Vooral in de 19de eeuw namen veenafgravingen grote vormen aan. Om het water af te voeren werden de Hoogeveensche Vaart en de Dedemsvaart gegraven.

Reestvervangende Leiding

Hierdoor werd het stroomgebied verkleind. Toen in 1971 de Reestvervangende Leiding werd gerealiseerd, was het stroomgebied beperkt tot “slechts” 6000 hectare. Van het enorme hoogveengebied is nu niets meer over. Het veenkarakter van de Reest is dan ook vrijwel geheel verloren gegaan. Wel is de bodem nog bedekt met een dikke laag veen, is het water nog vrij troebel en is het zuurstofgehalte vooral in de bovenloop niet erg hoog, maar verder heeft de Reest vooral de eigenschappen van een zandbeek.

De Reest wordt nu vooral gevoed door kwelwater, dat op verschillende plaatsen in het beekdal aan de oppervlakte komt. Kwel is ondergronds voedselarm stromend water afkomstig van hoger gelegen gebieden. De waterkwaliteit van de Reest is per plaats nogal verschillend, maar is niet slecht.

Beekdal

Er staan meer dan duizend beken op de topografische kaart van Nederland, maar bij verreweg de meeste beken is er van het oorspronkelijke karakter niet veel meer over. Ingrepen zoals kanalisatie, veranderen van de oevers, weghalen van de begroeiing, regelen van de waterstand door stuwen, enz hebben veel beken vernield. Ongeveer 5 % van de beken in ons land heeft nog een natuurlijk verloop.

Sinds de jaren negentig worden op veel plaatsen beekdalen weer in hun oude glorie hersteld. Voorbeelden hiervan zijn Het Oude Diepje bij Wijster, de Ruiten Aa bij Ter Borg in Groningen en het Hunzedal op de Hondsrug in Drenthe.

De meeste beken op de zandgronden zijn zogenaamde laaglandbeken. Ze liggen onder meer in Drente en Overijssel. De Reest, De Drentse Aa en de Dinkel zijn erg bekend. Vroeger ontstonden deze beken in uitgestrekte moerasgebieden. Nu “ontspringen”ze bijna altijd in landbouwgebieden. De oorsprong van de Reest ligt nu tussen Dedemsvaart en Drogteropslagen.

Beekdalen zijn vaak juweeltjes van natuurgebieden. Dat komt door de grote variatie in het landschap. In beekdalen werd eeuwenlang op dezelfde manier geboerd. Dit boerenleven leverde een kleinschalig landschap op met akkers, natte hooilanden, houtwallen, heidevelden, geriefbosjes, meidoornhagen, enz. Dit kleinschalige landschap kent een enorme rijkdom aan flora en fauna.

Meandering

Een belangrijk kenmerk van een niet aangetast beekdal is meandering: het kronkelen van de beek. Die kronkels zijn in de Reest nog volop aanwezig. Vanuit de lucht zijn ze mooi te zien. Dat de Reest haar meanders nog heeft is te danken aan het feit dat de rivier de grens vormt tussen de provincies Drente en Overijssel. Ook typerend voor een beekdal is de aanwezigheid van overgangen tussen lage en hoge landen. Juist daar laat de natuur zich van haar beste kant zien.

Het Reestdal

Het Reestdal behoort tot één van de meest gave beekdalen van Noordoost-Nederland en heeft een heel eigen karakter.De natuurliefhebber kan in dit kleinschalige landschap volop genieten van heideterreinen, bossen, graslanden, bouwkampjes, kleine stuifzanden, landgoederen,monumentale boerderijen en nog veel meer.

Landbouw en natuur bestaan in het Reestdal naast elkaar. Twee grote “herenboeren” in het gebied zijn Landschap Overijssel en de Stichting Het Drentse Landschap. Deze organisaties bezitten en beheren inmiddels meer dan 1100 ha natuurgebied in het Reestdal, waaronder veel gras- en hooilanden en een aantal essen (akkers).

Zoals vroeger

Het beheer lijkt erg op de ouderwetse manier van boeren. De natte hooilanden worden laat gemaaid, schapen begrazen de heide en runderen leveren mest in de potstal, er wordt graan verbouwd op de zandkoppen. Kunstmest en gewasbeschermingsmiddelen worden niet gebruikt. De natuurwaarden komen op de eerste plaats.reest vanuit de lucht

Omdat het Reestdal erg veelzijdig is, komen er ook bijzondere dieren voor. Een mooi voorbeeld hiervan is de das. De dassenpopulatie lijkt de laatste jaren te groeien en vindt in het Reestdal een gebied waar een redelijk rustig leventje nog mogelijk is. Ook bijzonder is het voorkomen van de boomkikker in de natte landen van Rabbinge. En een ontmoeting met een ooievaar is in de Reestlanden al een doodnormale zaak geworden.

Behoud en ontwikkeling

 

Het is al eerder opgemerkt, maar er zijn nog maar weinig beekdalen in ons land, die nog zo gaaf zijn. Het is daarom ook belangrijk, dat dit ongerepte karakter behouden blijft. Gelukkig is dit ook tot de overheid doorgedrongen. Het Reestdal is onderdeel van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS).

Het doel van dit natuurbeleid is om alle natuurgebieden in ons land met elkaar te verbinden. Hierin kan het Reestdal wellicht een belangrijke rol vervullen. Toch zijn er nog genoeg gevaren, die de natuur in het gebied bedreigen. Eén van de grootste bedreigingen is de verdroging. Ten behoeve van de landbouw wordt in ons land de grondwaterstand kunstmatig op peil gehouden en het regenwater via een stelsel van sloten, kanaaltjes en gemalen zo snel mogelijk afgevoerd.

Deze vorm van waterbeheersing kwam (komt) ook in het Reestdal voor. Veel gebieden met waterminnende flora verdroogden en een groot aantal plantensoorten verdwenen of gingen in aantal fors achteruit. Uitvoerig onderzoek in het Reestdal heeft geleid tot een aantal mogelijke oplossingen om deze problematiek op te grondwater afvoerden mochten dichtgroeien of zijn gedempt.

Op een aantal plaatsen zijn er drempels in de Reest aangelegd. Deze verhogingen verhogen plaatselijk het waterpeil van de Reest. De plantengroei in het water van de Reest wordt minder vaak verwijderd om de stroming van het water te vertragen. Om meer grondwater naar het Reestdal te laten stromen is het grondwaterpeil van het Westerhuizingerveld verhoogd. Wat het resultaat van deze maatregelen op langere termijn is, moeten we nog afwachten.

Dit bericht is geplaatst in De Reest en getagd , , , , , . Bookmark de permalink.

1 Reactie op Grensriviertje de Reest

  1. Afgelopen twee dagen het Reestdal bezocht (omgeving Oud Avereest en zo richting Meppel). Prachtige omgeving doet je terug wanen in vroeger tijd . Ik heb genoten en ik ga nog terug komen…

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>