De grauwe wilg is een insectenbloeier

De meeste bloeiende bomen en struiken in het vroege voorjaar zijn windbloeiers. Producenten van enorme hoeveelheden stuifmeel. Voorbeelden zijn vroege bloeiers als hazelaar en els. Ze moeten het van de wind hebben. Die moet het stuifmeel naar soortgenoten transporteren. Insecten zijn niet in de katjes van deze bomen geïnteresseerd. Voor de grauwe wilg ligt dit anders. Ook deze boom bloeit als de blaadjes nog moeten uitkomen. Maar hier zijn het de insecten, zoals hongerige hommels, die voor de bestuiving moeten zorgen. De bloemen bevatten en stuifmeel nectar en na een lange winter hebben insecten hier een grote behoefte aan. Hommels vliegen tevreden brommend en zoemend van bloem naar bloem. Jac.P.Thijsse zegt het in het Verkade-album “Lente” (rond 1910) al erg mooi:” Dagenlang is er geen verandering te bespeuren,maar dan gaan die katjes zwellen en groeien; gele helmknopjes of bleekgroene stempellobben worden zichtbaar tusschen het zilveren pluis. Dan strekken zich opeens de meeldraden en nu is ieder katje een stralende bol van wit en goud.“ Thijsse heeft het hier wel over de waterwilg, maar een kniesoor die daar over valt. Het is mooi beschreven.

De wilg is tweehuizig. Dat wil zeggen dat er mannelijk en vrouwelijke bomen voorkomen. De mannelijke wilgen met hun meeldraadkatjes vallen het meest op.

Dit bericht is geplaatst in Flora en getagd , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>